Het regent dat het giet, al de hele dag, dus jij zit binnen bij mij. Niet dat je je echt verveelt hoor, je hebt al aan mijn bureau met de dobbelstenen zitten spelen, samen met mij de afwas gedaan, en nu zit je naar peutertv te kijken. Misschien is dat niet de beste opvoedkundige zet van mij, maar het is buiten echt geen weer om een hond door te jagen, het lijkt wel november ! Koud heb je het blijkbaar niet, want je zit al de hele tijd in een Tshirtje, en je weigert elke pull of vestje. Wel heb je al je derde set kleren van de dag aan, en het is amper drie uur in de middag. Deze morgen heb je geplast in de zetel (gelukkig was de zetel zelf nog net niet nat, wel het dekentje en je mooie kleren van gisteren), en daarstraks, toen ik je uitgebreid aan het kriebelen was, kon je jezelf niet meer inhouden van de pret, en heb ik dus zowel jou als je kleren als mezelf en mijn kleren mogen wassen. Hmpf. Het dekentje is ondertussen zelfs al weer droog en ligt opnieuw in de zetel. Ik hoop dat je snel volledige controle over je blaas krijgt, snoet, want dit is niet leuk meer. Toch kwam je me daarstraks vragen of je op je potje mocht, en jawel hoor, netjes een mooi kakje ! Je voelt het wel degelijk, maar vindt het niet altijd nodig om erop te reageren, zoveel is duidelijk. Gisterenavond had ik je beddegoed ververst, en toen ik beneden kwam, liep jij in je blote kont, en lagen je pyamabroek en je pamper (’s avonds krijg je er wel degelijk één) gewoon op tafel. Papa wist nergens van, jij had zelf alles uitgetrokken en netjes een plasje op je potje gemaakt. Kijk, dat verbaast me dan wel weer. Daarnet heb ik je dan ook weer een plasje doen maken, en eerst wilde je niet, pas toen ik zei dat je op het grote toilet (’polet’) mocht, zag je het dadelijk zitten. Je hebt een kleine blaas, en vindt het vervelend om alle vijf stappen op dat potje te moeten, vermoed ik.
Ondertussen is het al avond, en moet jij eigenlijk in je bed. We hebben nog flink gespeeld deze middag: eerst nog wat samen naar Samson gekeken en commentaar gegeven op alles wat er gebeurde. Het was wel grappig: de burgemeester was het eten van Gert aan het bederven door er teveel zout in te doen, en jij reageerde onmiddellijk en furieus: je nam je telefoon en belde naar de burgemeester om hem te zeggen dat hij stout was en hij het eten van Gert niet mocht bèh maken. Je meende het vooral heel erg hard.
Daarna heb ik boven je kast opgeruimd, de kleren die te klein zijn eruit gehaald, en de iets te grote maat al klaargelegd. Ik denk dat je wel 10 pulls en vestjes hebt voor deze winter ! Ik had er namelijk al een paar gekocht, en omaly heeft er nog een reeks bijgekocht, en toen kreeg ik er ook nog een paar via via. Je zal vooral geen kou hebben deze winter ! Terwijl ik bezig was, heb jij rustig gespeeld met het speelgoed dat in je kamer opgeslagen staat en waar je eigenlijk al lang te groot voor bent. Je hebt trouwens ook één van je favoriete spelletjes kunnen spelen: je verstopt je in je kleerkast, en dan moet ik doen alsof ik je kwijt ben, je roepen, een beetje sakkeren over het feit dat je weer verdwenen bent (en dan hoor ik je al giechelen), en dan moet ik altijd wel iets uit de kast halen of erin leggen. Op die manier ontdek ik jou dan, en dan val je bijna uit de kast van het lachen. Dat kan zo wel tien keer na elkaar, als het aan jou ligt.
Daarna hebben we boven de planten water gegeven, en daarna nog wat gespeeld op bed. Dan is mama een glijbaan, een berg, een huisje, zowat vanalles, zolang het maar inhoudt dat je kan klimmen, vallen, gegooid worden, gekriebeld worden, onder de dekens kruipen, met kussens gooien, en wel meer van dat soort dingen. Het is in elk geval heel wild en jongensachtig, en je geniet er volop van !
Daarna hebben we een boterhammetje gegeten, naar de Simpsons gekeken (een traditie), en net toen we een pyama gingen aandoen en gingen slapen, kwam papa thuis. Uiteraard was je toen met geen stokken meer boven te houden, maar rende je naar beneden zo snel je beentjes je konden dragen en verantwoord bleef op de trap. Papa is nu net met je naar boven om je in je bed te steken.
Morgen naar de meisjes, voor het eerst in de hele vakantie. Het is gewoon een schande, ik schaam me diep :-p
* Een woord dat me vandaag ook weer is opgevallen als zeer bizar, is jouw woord voor pantoffeltjes. De meeste woorden spreek je ofwel correct uit, ofwel ga je ze een beetje vereenvoudigen. Zo heb je een ‘tefoon’ om naar oma te bellen, een ‘polet’ om te plassen, een ‘onterbroek’, ‘podijntjes’ aan de ramen, en spreek je hilarisch genoeg van ‘borst’ als je worst bedoelt. Alleen die pantoffeltjes ga je verbasteren tot ‘tefonkes’. Hoe je erbij komt, ik weet het niet, en ik denk dat ik zowat de enige ben die begrijpt waarover je het hebt (tot nu, natuurlijk :-p ).
* Eigenlijk ben je een verschrikkelijk knuffelig kind. Je doet niets liever dan in mijn armen kruipen, of op mijn schoot zitten, en een dikke knuffel geven of krijgen. Zelfs quasi onbekende mensen zal je probleemloos een kusje geven, ze moeten er soms niet eens om vragen. Heel grappig is het om te zien hoe gek je bent van Shura of van haar vervangster/helpster Elina. Beide dames zijn verzot op jou, hebben altijd wel iets voor jou mee (gaande van een K3-koekje of een lekstok tot een stukje speelgoed) en knuffelen je bijna dood. Je geeft hen dan ook voortdurend kusjes, en ze bedelen er ook om in het Russisch of het Tsjetsjeens, geen idee eigenlijk. Jij begrijpt dat blijkbaar goed, want automatisch doe je wat ze je vragen. Je beseft echter wel goed wat ze hier komen doen, en na een knuffel zeg je dan ook resoluut: ‘Shura nog een beetje kuisen nu !’, trekt je los, en wijst naar wat ze moeten doen. Ik wijs je dan meestal terecht, gewoon omdat je zo’n kleine baasmaker bent. Toch kan ik niet echt boos zijn, je bent daarvoor gewoon te lief.
* Je fantasie is onderhand grenzeloos. Ik heb je al verteld over je snoepjes, bolletjes en zoutjes. De laatste tijd speel je meer en meer met je beertjes of beestjes, je twee kleine konijnenberen. Dat zijn kleine beertjes in een konijnenpakje, die je altijd bij je hebt. Je slaapt met twee van die beestjes, maar er is altijd wel ergens minstens eentje in de buurt. Als je ’s morgens naar Nice vertrekt, mag er eentje in je eetstoel blijven zitten, maar het andere moet mee. De laatste tijd doen die beestjes ook vanalles. Ze eten, ze slapen en snurken soms, ze duwen op knopjes enzovoort enzoverder. Als je er eentje per ongeluk achterlaat, dan zeg je dat het beestje zou huilen. Als jij in je broekje hebt geplast, dan heeft je beertje dat ook gedaan, en dan moet ik het beestje ook onder zijn voeten geven en zijn poepje afkuisen. Je geeft je beestjes ook vaak iets te eten of te drinken, en de voorbije dagen haalde je zelfs twee borden en twee bekers uit: eentje voor jezelf, en eentje voor beestje. Daar moest dan ook een boterham opliggen, wat beestje rigoureus opat. Gelukkig besef je zelf wat kan en wat niet kan, en zo zal je wel je beker aan de mond van beestje zetten, maar zal je nooit zo ver gieten dat het beestje nat wordt. Zaterdag heb je dat spelletje ook herhaald met mama’s grote zwarte beer, en die heb je het hele huis doorgezeuld. Op een bepaald moment was hij zelfs aan het telefoneren, naar nonkel Roeland, geloof ik.
* Het is al eventjes geleden dat het gelukt is, maar als we op zaterdag naar de Delhaize gaan, dan zit de kans erin dat je een ballon krijgt. Niet zo eentje zoals ik er hier thuis ook soms voor je opblaas, maar een echte met helium, eentje die lekker vliegt en aan een koordje hangt. Je slaagt er dan soms wel in om hem al op de parking te laten vliegen, ook al hangt het touwtje rond je pols. Eén keer is hij onploft in de auto, en zijn we ons allebei doodverschoten. Meestal mag hij echter mee naar huis, en hos je er een hele dag mee rond. De volgende dag reageer je steevast ontgoocheld omdat hij niet meer wil vliegen - elke keer weer, ook al weet je dat ondertussen.