
46357 items (36506 unread) in 36 feeds
Familie
(1328 unread)
NetlashCollegas
(3900 unread)
NetlashStagiairs
(368 unread)
Fun
(23529 unread)


Wat eigenlijk dag twee had moeten zijn, maar bon.
Daar ben ik dus echt niet over te spreken. Zo’n vakantie, dat wordt geafficheerd als acht dagen/zeven nachten, en daar betaal je dan ook voor, maar in dit geval viel dat dik tegen. Het vertrekuur was immers verlaat, waardoor we in het holst van de nacht arriveerden. Meh.
Rond 20.00u zijn we gisteren vertrokken naar Zaventem, tegen 21.00u parkeerden we op een parking in Machelen, en een vijftal minuten later kwam een pendelbusje ons ophalen en zette ons voor de deur van de vertrekhal af. Eigenlijk best wel gemakkelijk, en nog doenbaar van prijs. We hadden uiteraard aan Barts broer, die tegen Brussel woont, kunnen vragen om onze auto bij hem te laten staan en ons te voeren naar de luchthaven, maar we hebben niet echt zes plaatsen in de auto, en hij ook niet.
Er werd een dik half uur aangeschoven aan de incheckbalie, terwijl de jongens rondcrossten op de quasi verlaten luchthaven (behalve onze rijen dan) en zich amuseerden met de Trunki. Wijs ding, die Trunki, blij dat ik er het geld aan gegeven heb: ze kunnen erop rijden, het voorttrekken, zich laten voeren, en het ding geldt als handbagage. Merel stond erbij en keek ernaar, en trippelde af en toe mee.

Aansluitend gingen we door paspoortcontrole, security, en wandelden we naar de gate. Er werd naar vliegtuigen gegaapt, iets gegeten, en toen waren warempel de twee uur om, konden we op het vliegtuig, en stegen we op tegen tien na elf. Jawel, ’s avonds. Geen van de kinderen had ook al maar een half oog dichtgedaan, het was veel te wijs om rond te kijken.


Ik dacht: goh, die slapen wel op het vliegtuig. Nee hoor, zelfs Merel niet: rondkijken, geregeld haar kopje leggen, dat wel, maar niet slapen. En huilen toen ze bij de landing op papa’s schoot moest in plaats van de mijne, want ik voel me nooit bijzonder lekker als ik moet vliegen, helaas, en ik wilde het risico niet lopen het kind onder te kotsen.
Bon, iets voor één lokale tijd (iets voor twee in Belgische tijd) stonden we aan de grond en stapten we van het vliegtuig in een 26° en regen. Regen? Jawel, regen, een zeldzaamheid in Tunesië in de zomer, zeker in een land waar 45% van de oppervlakte woestijn is. En wij, wij landden in de regen. Terwijl het in België net een week zomer werd, regende het in Tunesië. (en ik heb net per ongeluk de iPhone foto’s die dat bewijzen, gewist. Stupid!)
Maar eigenlijk was ik veel te moe om me dat ook maar een bal aan te trekken: we stommelden een busje op voor de volle vijftig meter (I kid you not), kregen eigenlijk zeer snel onze bagage, lieten die op een grote gekoelde bus laden, en stapten op. Voor nog een kleine anderhalf uur rijden, joechei. Deze keer is Merel wél in slaap gevallen in Barts armen, terwijl Wolf tegen me aan sliep en ik zelf toch ook een tukje deed.
En toen kwamen we tegen drie uur (en jawel, het voelde nog steeds als vier uur) aan in de Club Med, waar ze ons vrolijk stonden te verwelkomen met croissants en schuimwijn, en een hoop volk stond te wachten. Mergh. Ik wilde slapen, ik wilde geen uitleg, en mijn kinderen ook niet. We stommelden dus maar achter de mensen die ons de weg toonden aan, en hoopten maar dat de bagage snel ging volgen. Dat duurde toch een kwartiertje, want we waren ongeveer laatste in de rij, vermoed ik.
Bon, iedereen in pyama gehesen, en bedje binnen. Merels bed stond bij ons op de kamer, zodat we de zitkamer vrij hadden voor onszelf en de jongens. Ze gaf geen kik meer, de rest ook niet, en ik vermoed dat het geen twee minuten geduurd heeft vooraleer ik sliep. Bart lag toen al zachtjes te snurken naast me.
Oef.


Aangezien er vandaag niet veel te beleven viel, behalve dan het maken van valiezen, geef ik je het recept van de aardbeientaart mee. Jawel, dat recept waar ik het al een paar keer over had, en waar menig persoon me naar gevraagd heeft.
Het is dan ook de moeite waard: bijzonder weinig calorieën, en bijzonder lekker. Ja, het zal wellicht nog lekkerder zijn als je er room en dergelijke in doet, maar dat is niet echt de bedoeling. Het zijn grote stukken, ideaal ook als ontbijt, en ik heb ze voor een vriendin zelfs al volledig suikervrij gemaakt omdat zij diabeet is. En ja, nog minder calorieën, en even lekker. Proberen dus!
Wat je nodig hebt:

* 2 eieren
* 2 eetlepels warm water (het steekt niet nauw)
* 60 gr suiker of het equivalent in zoetstof, wat mijn voorkeur wegdraagt
* snuifje zout
* 50 gr bloem
* 30 gr aardappelzetmeel
* 8 blaadjes witte gelatine
* 500 gr. magere yoghurt
* 600 gr aardbeien (nen gewone pot volstaat ook)
* 500 gr magere plattekaas
* citroenmelisse voor de afwerking
Hoe ga je te werk?
1. Splits de eieren. Klop het eigeel met water, suiker (of zoetstof) en zout tot een ruban (zo van dat schuimig wit). Klop daarna het eiwit stijf, en giet dat dan bovenop het eigeelmengsel. Zeef bloem en aardappelzetmeel eroverheen, en meng alles grondig door elkaar.

2. Verdeel het deeg over een met bakpapier bekleed bakblik (een springvorm is ook wel verrekte handig, zo blijkt) en bak het in het midden van de oven op 180° graden (heteluchtoven, een gewone oven mag op 200°) tussen de tien en de vijftien minuten, tot het mooi bruin is. Laat afkoelen, en verbrand je vingers niet bij het uitnemen.
3. Laat de gelatine weken in koud water, knijp ze uit, warm ze op tot ze opgelost zijn (tip van de pro: als je met je vinger wil voelen of alles wel opgelost is, lek daarna dan die vinger NIET af, ik herhaal: NIET, want maat, dat is zooooo viezig!), en roer er dan 250 gr yoghurt grondig door tot je een gladde massa krijgt. Roer er dan de rest van de yoghurt en de plattekaas door, kiep er de fijngesneden aardbeien bij (let op, ge zijt daar een tijdje mee zoet, met die aardbeien te snijden), doe er naar uw goesting nog wat zoetstof bij, roer nog eens alles grondig door elkaar, en zet het een half uurtje in de ijskast.

Als het zowat opgesteven is, doe dan het mengsel netjes boven op de bodem, en strijk mooi glad, want alle plooitjes en putjes blijven zichtbaar. Laat een uur of drie opstijven.
4. Snij de taart in acht stukken (het helpt als je je mes eerst in heet water doopt, dat snijdt nog makkelijker), versier met een paar stukjes van de overgebleven aardbeien en een takje citroenmelisse.
En voila! Taart waar je je niet schuldig over hoeft te voelen, en bijzonder lekker. Voor de Weight Watchers onder jullie: 3 propunten per stuk, en het zijn grote stukken.
Ik ben benieuwd of ze ook zou lukken met nectarines, want het aardbeienseizoen loopt op zijn eind. Als iemand het uitprobeert: laat eens weten? Of laat in de comments ook gewoon eens weten wat je ervan vond, als je ze hebt gemaakt!

Merels pasfoto voor het paspoort dat we vanavond nodig hebben. Ha ja, want dan nemen we het vliegtuig naar Tunesië.
Ik heb het gevoel dat hij zich hier wel thuisvoelt, onze Gandalf. Hij ligt zowat overal te slapen waar het hem uitkomt, krijgt ’s morgens nog steeds een klein beetje kattenmelk, en krabt voortdurend al spelend mijn handen en armen open. Oh, en mijn billen, want hij wil altijd perse op mijn schoot liggen als ik aan mijn bureau zit. Hij kan er dan wel niet gewoon opspringen, en dus klimt hij langs mijn jeans naar boven. Pijnlijk als je nog in je slaapkleren zit, of een rokje aan hebt.
Intussen zijn er ook twee kattenluiken, en kan hij dus probleemloos binnen en buiten zoals het hem uitkomt. Niet dat hij lang buitenblijft, amper een paar minuten per keer, maar dat vind ik helemaal niet erg: zo went hij beetje bij beetje.
En hij heeft vooral ook zijn eigen plekje in de keuken, waar niemand hem lastigvalt, en waar hij dus geregeld ligt te slapen, vooral als de zon een beetje wil schijnen. Kijk maar.

Ja, hij is gegroeid, en nee, het knuffeltje is niet in scene gezet. Daar loopt hij vaak mee rond in zijn bek. Dat, of iets anders, het maakt niet veel uit, als het maar zacht is.

Bij de dokter, voor een attestje voor Merel voor de opvang ginder.
Vandaag met de jongens naar het theater geweest, kwestie van toch nog een klein beetje het Gentsefeestengevoel te krijgen, ondanks het rotweer. Mijn ma kwam op Merel passen (dank u, ma!), hoewel de kleine me er blijkbaar van verdacht haar definitief in de steek te laten, en dus de boel bijeen krijste.
Na de voorstelling hebben we nog eventjes rondgelopen, tot we compleet uitgeregend zijn en dan maar naar huis terugkeerden, uit pure armoe. Man man man, ik ga blij zijn in Tunesië!
Maar bon, hieronder het verslag van de voorstelling, zoals ik die geschreven heb voor Gentblogt, of waar anders?
[+]Het is intussen een soort traditie geworden op de Gentse Feesten: minstens één keer ga ik met de kinderen naar een theatervoorstelling. Het aanbod is meer dan ruim genoeg, we kunnen dus altijd wel iets vinden naar onze smaak.
Gisteren stonden we daarom tegen half vijf aan theater Tinnenpot, voor ‘Spikkeltje’ van Annie M.G. Schmidt, door theater Compagnie Gorilla. Annie M.G. Schmidt, dat kon al niet stuk, vonden wij.
We dronken eerst gezellig nog iets in de open witte ruimte beneden naast de bar, en klommen daarna de trap op naar de kleine zaal boven, met de oude cinemastoeltjes. Het decor oogde bedrieglijk eenvoudig: een kleine wand uit (geverfde) witte balkjes met deur en venster.
Stipt om vijf uur (eigenlijk zelfs een paar minuutjes te vroeg, zodat er nog mensen te laat binnenkwamen) stonden de drie acteurs voor onze neus. Om beurt namen zij de vertellersrol op zich, maar dat stoorde absoluut niet, omdat ze dan telkens hun respectieve hoedjes en andere attributen afdeden. Het decor bleek zowaar multifunctioneel te zijn: uitvouwbare stukjes die eerst absoluut niet opvielen, bleken een peren- of appelboom te zijn, er zaten onverwachte venstertjes en luikjes in, enfin, goed gevonden dus.
[+]
[+]
[+]
Het verhaaltje is eenvoudig: een koningskoppel kan geen kinderen krijgen, vraagt een heks om hulp, en krijgen een ei om uit te broeden. Daaruit wordt Spikkeltje geboren, een alleraardigst prinsesje. Ze moeten haar enkel in de herfst binnenhouden, want anders vliegt ze mee met de andere lijsters. En wat dacht u dan dat er gebeurde…
Het is een grappige en soms ook ontroerende voorstelling, amper veertig minuten, nogal kort dus, zeker voor die prijs, maar de kinderen waren er dol op. Ze gingen volledig mee in het verhaal, en vonden het ‘zo lief’.
‘Spikkeltje’ speelt vandaag en morgen nog om 17.00u
Tinnenpot, Tinnenpotstraat 22
Tickets via 09 225 18 60, info op http://www.tinnenpot.be
8 euro voor volwassenen, 5 euro voor kinderen.

Eindelijk is het even droog genoeg om het gras – excuus, onkruid – af te rijden. Mijn gazon is nog nooit zo groen geweest half juli. Tiens.
Hmmm…
Zaterdag vertrekken we voor een weekje naar Tunesië, de (hete) zon tegemoet. We hebben er ongelofelijk zin in, alle formaliteiten zijn geregeld, de laatste machines was zijn aan het draaien, alle paspoorten zijn er, de cat-, house- en gerbilsitter is al langsgeweest om alle praktische zaken te regelen, en alle apparatuur is aan het opladen.
En dan krijg ik deze morgen een mailtje van het reisbureau dat de vluchturen gewijzigd zijn.
We vertrekken zaterdag, dat wel, maar om 23.10u. Aankomst plaatselijke tijd om 0.55 de zondag, en nog 45 minuten transfer. Met een kind van acht, een kleuter van vijf en een peuter van twintig maanden, jawel.
Een vriend van me zei dat hij om dergelijke redenen ooit een reis had geannulleerd, en dat dat perfect aanvaard was. ‘t Is dat we er zo naar uitkijken, want ik zie er nu wel erg tegenop, tegen de reis op zich. Vooral met Merel…
Blah.

Vers toegekomen leesvoer. Perfecte timing voor op reis (niet allemaal, natuurlijk).
Er zijn zo van die dagen, dat alles kan en niks moet. Enfin, toch niet veel. Dat je bij een vriendin zit die je veel te weinig ziet, maar bij wie het elke keer weer heel vertrouwd aandoet.
Deze voormiddag ben ik eerst met de kinderen Merels reispas gaan afhalen (oh, en deze keer zat het wél vol, aangezien het dienstencentrum tijdens de Gentse Feesten maar twee voormiddagen open is) en daarna zijn we naar Gwen gereden. De kinderen hebben gigantisch veel gespeeld, de meisjes waren verzot op de trampoline (de jongens ook, maar da’s logischer), en Gwen en ik hebben gekletst. En gekookt, en opgeruimd, en voor de kinderen gezorgd. Meer eigenlijk niet, en meer hoeft ook helemaal niet.
Er zijn zo van die dagen dat de zon amper schijnt, maar dat dat ook niet veel uitmaakt. Vandaag was er zo eentje.
Dat ik graag eens dingen test en bespreek, dat weten ze bij Oona intussen. Dat ik drie kinderen heb die graag met nieuwe dingen spelen, ook.
En dus kreeg ik van Oona een pakketje geleverd, waarin de nieuwe Duplo Creative Sorter zat, ofte een Duplo doos met een wreed speciaal deksel en drieëntwintig blokken. Op zich niet veel blokken, zeker niet voor zo’n grote doos, maar dat is ook echt niet de bedoeling.

Deze Duplo is namelijk specifiek gericht op peutertjes, en het oefenen van hun fijne motoriek. Het driedubbele deksel is in feite een sorteerplaat, waar je de blokjes gewoon door kan steken. Naarmate de kinderen groter worden, zijn er andere mogelijkheden.

Je kan de platen op tafel leggen en er de blokjes op hun kant in passen. Het boompje staat op de zijkant van de doos, en heeft geen plaat.

Daarna kan je die blokjes samenvoegen tot de figuurtjes die erop staan. Of je kan er compleet andere figuren mee maken ook natuurlijk.

Aan dat laatste is Merel nog lang niet toe, dat hebben haar broers voor haar gedaan. Maar ze vindt het wel machtig leuk om alle blokken uit te gieten, een deksel op de doos te zetten, en dan de blokken willekeurig door de gaten te duwen. En als dat niet meteen lukt, gaat ze met een ondeugende blik vliegensvlug het deksel optillen en het blokje erin gooien, en doen alsof ik niks gezien heb en er niks gebeurd is.
Als ze wat groter wordt, kan ze dus ook de andere toepassingen van de doos uitproberen. Gegarandeerd een hit, ik weet wat ik straks ga kopen voor het kleine nichtje haar verjaardag :-p
Bedankt, mensen van Lego Duplo en Oona!

Poseren met haar rokje…
Vandaag ben ik twee kattenluiken rijker, een sluitende kast, twee opnieuw werkende rolluiken, een proper huis, een gecrashte computer, een pesthumeur, twee jongens die te laat waren op hun kamp, een gevallen yoghurtpotje dat openspatte tot onder de ijskast, een peuter met een ochtendhumeur, en na een fikse dut een vrolijke peuter in een hups rokje, tickets voor Tunesië, de kennis dat in Tunesië babyfoons bij wet verboden zijn, een dopje voor mijn lens, nog steeds een gecrashte computer, een telefoongesprek van een uur met de helpdesk van Telenet, de kennis dat ik nog ergens gloednieuwe ABL combats kan krijgen, twee paar schoenen die zullen gerepareerd worden, een heel pak fruit dat in een peutermaagje is verdwenen, een gecrashte computer (of had ik dat al gezegd?), de wetenschap dat de dienstverlening bij Dicomp toch echt wel de moeite is, een lijngedroogde was, en een computer die als bij toverslag spontaan weer online ging van zodra mijn persoonlijke helpdesk langskwam.
Allez hup. Ik ben een rijk mens.
Kijk zelf maar.


Tikkertje verlos om negen uur ’s morgens :-)

De omgeving van Barts kantoor in 1986
Een paar weken geleden heb ik hier de mening van een vriend over het onderwijsdebat gepubliceerd. Daarin had hij het over de kansen die (in het nieuwe plan van onderwijsminister Smet) de echt wel goeie leerlingen ontnomen worden om uitgedaagd te worden, om te excelleren. Dat moet uiteraard kunnen.
Maar toen gaf een andere vriendin daar een aanvulling bij, vanuit de exact omgekeerde invalshoek, maar met dezelfde conclusie. Ik wilde u die niet onthouden, omdat ook dit relevant is. En ja, het onderwerp ligt me nauw aan het hart.
Zij schreef:
Hier bezien we dat van het omgekeerde schuitje. Twee van mijn vier kinderen waren echt op op op na de basisschool. Altijd maar mee proberen te geraken terwijl het boven hun pet ging. “Mama, ik ben het lompste kind van de klas, ik kan niks.”
(Die is na het vijfde naar het beroepsonderwijs kunnen gaan omdat ze reeds een keer was blijven zitten)
De ander kon geen hobby’s aan ’s avonds, want het was een hele avond afwerken wat niet in de klas klaar was, extra lezen omdat ze nog geen AVI 9 had, het huiswerk dat niet van een leien dakje liep en bovendien de lessen waar ze meer dan gemiddeld last mee had.
Wel, voor allebei was het eerste jaar beroepsrichting een ware verademing. Ineens waren ze niet meer de minst intelligente leerling, werd er op maat gewerkt, examens starten pas in het derde jaar, nu zijn dat projecten en wordt er zeer zeker aan het welbevinden van het kind gewerkt. Hoe erg het ook is, dat was heel erg nodig, want de derde graad van het lager was er eigenlijk al te veel aan. Laat staan dat ze nog eens twee jaar langer mee moeten met de grote hoop. Dan blijft er niks meer van over.
Mijnheer Smet, ik vraag het u nog eens: denkt u écht dat, na alle reacties van mensen die dagelijks in het onderwijs staan, en ouders die hun kinderen alleen maar het beste toewensen, dat uw plannen nog steeds de best mogelijke zijn?
Bart drukte het deze morgen als volgt uit op twitter:
16 jaar geleden deed ik dat ene ding waar ik nog geen enkele seconde spijt van heb.
Ik kan niet anders dan het roerend eens zijn met hem. Zoals elk huwelijk zijn er wel eens wat ups en downs (tot mijn grote verbazing eigenlijk bijzonder weinig downs, want ik ben geen gemakkelijk mens om mee te leven), maar ook ik heb het me nog geen seconde beklaagd.
En daarom krijgt u van mij een foto van op onze huwelijksreis, zestien jaar (min een paar dagen, vermoed ik) geleden dus.

Voor de officiële trouwfoto en andere foto’s van de heuglijke dag moet u op vorige jaren kijken.
Maanden, wat zeg ik, jàren zijn we ermee bezig geweest, een maat en ik. Die maat doet aan re-enactment, het historisch naspelen of evoceren van bepaalde tijdsperiodes. Hij doet mee met middeleeuwers (in harnas, als dat moet), met Romeinen, met Kelten, en ook met oude Grieken. Spartanen, meer bepaald. Daar is hij helemaal bezeten van, zijn bijnaam is niet voor niets Sparta.
We hadden zitten rondkijken op het internet naar uitrusting. En hij had een prachtige, maar dan ook prachtige helm gevonden bij een groep re-enacters uit New York. Eentje met een prachtige helmbos, die te koop bleek te zijn. Ik heb toen gemaild naar George van de Greek Warriors, maar hij had de helm intussen al aan een ander verkocht.
Hmpf.
Flash forward een hele tijd. Sparta had zitten rondkijken, al die tussenliggende maanden, naar andere helmen met imposante helmbos, maar had nergens meer zijn goesting gezien. Want die ene helmbos, dat was echt buiten vergelijking. Ik heb dan maar naar George gemaild, en na veel vijven en zessen (en zevens en achten, geloof me) ging George er ene maken voor Sparta. We hebben een helm besteld in januari, en die naar George laten opsturen. Hij ging er dan de bijhorende helmbos bij maken, in de gewenste kleuren.
We hebben foto’s gekregen van het proces: de kam met de hand uitzagen, bijvijlen, 120 gaten boren in 6 keer om het hout zeker niet te doen splijten, de zijkanten bewerken en schilderen, het paardenhaar kleuren en bijsnijden en bevestigen… Sparta kwijlde op de foto’s, zelfs ik was er enorm van onder de indruk.
En toen moesten we de helm nog naar hier krijgen. Mét pluim. Eerst was er de kwestie van de betaling, waarbij George de PayPal van zijn vrouw niet wilde gebruiken, en ik ten langen leste gewoon 25 euro extra aan bankkosten heb betaald, en het overgeschreven heb.
En toen kwam de helm toe. De helm, niet de pluim, want die zat in een aparte doos. Helaas was die tegengehouden door de douane, en is daar 122 euro taksen op gekomen. En was daardoor de hele helm niet meer op tijd voor Historia Mundi, het evenement waarop Sparta had willen pronken met zijn nieuwe helm.
Het geheel viel daardoor ook een pak duurder uit dan gewenst, maar Sparta had het ervoor over, want de helm is… schitterend. Gewoon schitterend. Kορυθαίολος in elk opzicht, het epitheton helmboswuivend van Hektoor. Zelfs ik ben laaiend enthousiast.
Dit was Sparta deze avond, compleet met helm, in het weinige zonlicht dat er ’s avonds plots wel was.




Op wandel tijdens een blogmeet in Kapellen. Foto van Stefaan De Clerck