Haar belangrijkste argument/vraag: het feit dat iemand ergens komt is toch niet zo nuttig, zonder een appreciatie of rating?
Dat klopt, maar dat klopt ook niet.
Je kan uitgaan van expliciete data: gegevens die mensen zeer bewust en gericht gaan ingeven. Besprekingen, reviews, ratings, sterretjes...
Meer en meer ben ik er echter van overtuigd dat zo'n expliciete data niet de exacte data is. Mensen weten dat ze bekeken worden, en dat hun besprekingen en tips evenzeer reflecteren op henzelf als op hetgeen ze bespreken.Daardoor zullen besprekingen altijd 'gekleurd' zijn.
Bovendien vraagt expliciete data moeite. Niet iedereen is geneigd om een uitgebreide bespreking te maken - dat vraagt werk, tijd, het formuleren van een mening en het neertikken ervan. Hoe kort die bespreking ook is, 140 karakters of meer.
Impliciete data is makkelijker.
Zie het als het verschil tussen "ik maak een lijstje van mijn favoriete muziek en bespreek die o mijn blog" (expliciete data) en de lijst die automatisch opgebouwd wordt via de scrobbler van Last.fm (impliciete data).
Zo'n impliciete data wordt met veel minder nadenken opgebouwd, en vraagt minder uitdrukkelijke actie. (Of toch minder tijdrovende actie.) Door die kleine interactie kan je een groter deel van de doelgroep laten deelnemen (zie ook de online piramide die je niet kan verslaan).
Je krijgt dus meer data, die voor een stuk ook betrouwbaarder is. En die je ook context geeft.
Neem als voorbeeld een restaurant.
Expliciete data: iemand schrijft hiervan een bespreking, of geeft een tip ("dit is een goed restaurant!").Impliciete data: iemand van je vrienden (vriend in de Facebook-betekenis) die vooral bezig is met lekker eten, bezoekt zeer regelmatig hetzelfde restaurant.
Welk van de twee geeft je de beste info?
Daar zit volgens mij het (toekomstige) nut van Gowalla. Alleen zien we het nu nog niet - omdat we gewoon zijn in een wereld te leven waar alleen expliciete data beschikbaar was (de besprekingen in de Michelingids of in de Weekend Knack).
Impliciete data is waar we naar toe gaan met het 'internet of things'.
Of zoals ik het een tijdje geleden beschreef: "Je denkt dat je nu een information overload hebt? Wacht tot alle dingen rondom jou ook status-updates beginnen doorsturen!"

